Demotte: Lambik in de politiek
De perikelen in de Nederlandse gezondheidszorg halen een hoog Harry Potter gehalte: het is verdomd goed te beseffen dat onze noorderburen straks slechts over een beperkt basispakket gezondheidszorg zullen beschikken en dat voor pakweg de tandjes, de darmen en nog andere zaken bijverzekerd moet worden. De deur naar de privatisering staat daarbij wagenwijd open.
Net zoals De Gucht in alle hoogmoed onlangs beweerde dat de organisatie van een referendum voor de Europese grondwet in ons land sowieso tot "een ja" zou hebben geleid, zo steekt Demotte zijn kop in het zand alsof onze gezondheidszorg ongenaakbaar is. Het getuigt van arrogantie van de kant van de minister.
Alsof alles hier maar zijn gangetje kan gaan en bijvoorbeeld de vergrijzing, de technische geneeskundige revolutie,… (alle ingrediënten voor een toenemende kost in de gezondheidszorg) stoppen aan de Nederlands-Belgische grens.
De gezondheidszorg staat dus financieel onder druk. Daarom moet er bespaard worden. Toch is het goed te beseffen dat in ons land net geen 9% van het BNP naar de gezondheidszorg gaat. In de VS ligt dat fors hoger en heeft niet iedereen toegang tot eenzelfde gezondheidszorg. Dat stemt toch tot nadenken. Maar goed, een begroting is wat ze is en deze regering beperkt het budget voor de gezondheidszorg. Er moet dus bespaard worden, willen ze binnen die begroting blijven en omdat niemand wil besparen, vroeg minister Demotte volmachten.
Op die manier kan hij namelijk, zonder inspraak van het parlement, zijn zin doen en naar willekeur beknibbelen. Hij treedt daarmee in de voetsporen van zijn socialistische voorgangers Colla, Busquin, De Galan en Vandenbroucke. Allen bespaarden ze, maar geen enkele durfde de gezondheidszorg structureel te hervormen. Behalve de laatste dan, die een schuchtere poging ondernam en als dank zijn C4 van sterke man Di Rupo kreeg voorgeschoteld.
Demotte vroeg en kreeg dus de volmachten om lineair te besparen.
Met andere woorden, Demotte gaat dus gewoon snijden waar we het gewoon zijn: in de urgentiehonoraria van de radiologie en klinische biologie. Twee disciplines die het meeste geld genereren voor de gezondheidzorg. Inderdaad, urgentiehonoraria gaan niet per definitie naar de zakken van de artsen. De hele financiering van de gezondheidszorg is namelijk een labiel evenwicht. Ziekenhuisbeheerders kunnen vaak hun ziekenhuis slechts draaiende houden dankzij de extra afdracht van de erelonen van de artsen. Onze ziekenhuizen zijn namelijk structureel ondergefinancierd. Neemt men dus de urgentiehonoraria weg, dan voelen ziekenhuizen, artsen, verpleging en patiënten dit.
Maar door overal bij iedereen gelijk te besparen, straft de minister degenen die goed en zuinig werkten, want zij zullen evenveel betalen als de verkwisters. Dat is enerzijds fundamenteel onrechtvaardig en lost anderzijds niets op: de minister doet niets structureels en denkt niet op (middel)lange termijn.
Maar driewerf hoera: Demotte gunt de artsen nog een kleine week de tijd om met alternatieven voor de dag te komen. Met N-VA én zelf arts zijnde ga ik graag in op het voorstel van Demotte. Ik stap mee in zijn logica (niet de mijne): alleen maar besparen en niets structureels doen. Neen, ik zal het nu eens niet hebben over een Vlaamse gezondheidszorg en hoe die er uit zou moeten zien. Ik ga dus in op de vraag alternatieve besparingen voor te stellen. Alleen zullen mijn voorstellen tot besparen rechtvaardig zijn: wie goed werkte wordt beloond, wie slecht werkte moet besparen.
De minister kan gelijk besparen door het aantal PET-scans in Franstalig België tot op een Vlaams niveau te brengen. Voor de ambulante radiologie stel ik voor dat Franstalig België alles terugbetaalt wat boven het Vlaams gemiddelde ligt.
Ik vraag de minister ook alle gegevens openbaar te maken uit de diverse commissies in het Riziv die de noord-zuid tegenstelling bloot leggen. De leden van deze commissies zijn gebonden aan confidentialiteit. Niets mag zogezegd naar buiten lekken, want zoals ik vernam van een commissielid: de cijfers inzake antibioticaverbruik in Vlaanderen versus Franstalig België zouden een bom betekenen.
Verder kan de minister de honoraria voor overtallige colposcopiëen in Franstalig België terugvorderen. En artsen die voldoende generische geneesmiddelen voorschrijven mogen beloond worden (en niet gestraft), het terugverdieneffect levert dan nog winst op voor de overheid. Enzovoort.
Mocht blijken dat dit nog niet voldoende leidt tot besparingen stel ik voor regressief en niet lineair te besparen. De grootste verkwisters zullen het meest besparen, de zuinigsten omzeggens niets. Als leidraad stel ik voor de tabel 'preoperatieve onderzoeken' te gebruiken. Daarin staan alle ziekenhuizen gerangschikt. Het is een goede indicator voor wie het geld over de balk gooit en wie niet. En jawel, het spijt me als de eerste 35 dan in het Franstalig landsgedeelte liggen.
Ik steek de hand uit naar de grootste artsensyndicaten die zich nu ook eindelijk eens moeten bezinnen of zij zich nog steeds kunnen vinden in dit unitaire carcan: ze bestraffen er systematisch hun Vlaamse collega's mee. Indien de artsensyndicaten dit onbespreekbaar achten, roep ik alle Vlaamse collega’s op hun artsenleiders tot de orde te roepen: zo kan het echt niet verder. Dat iedereen nu eindelijk eens zijn verantwoordelijkheid opneemt.

