Ziekenfondsen en hun bonussen

Na het artikel op de voorpagina van Artsenkrant (24 januari 2012) over het reserve fonds dat de ziekenfondsen ondertussen opgebouwd hebben (om en bij de 500 miljoen euro), heb ik hierover zowel publiekelijk als persoonlijk heel wat reacties gekregen vanwege de ziekenfondsen. Hun reactie verbaast mij want de cijfers die openbaar gemaakt werden, werden mij bezorgd door minister Laurette
Onkelinx als antwoord op een parlementaire vraag. Wat Artsenkrant publiceerde, is dan ook 100% juist.


Een van de redenen waarom ik deze vraag gesteld heb aan de minister was om te weten wat er met dit geld gebeurt. In een kader van de responsabilisering zou je namelijk verwachten dat het geld wordt gebruikt voor het bevorderen van de gezondheid. Als het enkel gebruikt wordt om de cashflow binnen de gezondheidszorg te regelen of om ergens in de toekomst eventuele tekorten aan te zuiveren, is er voor mij een probleem. Dan is het per definitie dood kapitaal. Nochtans is dit de huidige praktijk. Paul Callewaert van het socialistische ziekenfonds zegt daarover het volgende in een Belga-bericht: “Als het nodig is, wordt dat geld door ons gebruikt om tekorten in de ziekteverzekering te dekken. Dit is het enige doel van het reservefonds en een bedrag van 500 miljoen is daarbij niet overdreven. In het licht van de besparingen is het zelfs absoluut noodzakelijk dat er een reservefonds is. Niemand weet immers wat de toekomst zal brengen.”


Ook Marc Justaert van het christelijke ziekenfonds voegt eraan toe, in datzelfde bericht, dat de ziekenfondsen dit geld zullen gebruiken in geval een begrotingstekort van de ziekteverzekering. Een tekort dat, als het zich voordoet, de ziekenfondsen voor 25% op zich moeten nemen.



Open deur instampen
Dat is allemaal heel voorwaardelijk en de laatste jaren hebben de ziekenfondsen alleen maar bonussen opgestreken. En dat hebben ze enkelen alleen te danken aan de groeinorm van 4,5%. Dankzij deze norm lag het bedrag dat de ziekteverzekering mocht uitgeven jaar na jaar veel hoger dan de werkelijke uitgaven. Er werd dan ook zogezegd zuinig met de beschikbare middelen omgesprongen en de ziekenfondsen kregen hun bonus.


Trouwens, dat men mij eens uitlegt hoe de nieuwe boni zullen berekend worden. Wat is de referentie 2012 voor het bepalen van de boni 2012 van de ziekenfondsen? Gaat het om het basisbedrag (dat dient om de norm van +2% reëel in 2013 en +3.0% reëel in 2014 te berekenen) van 25.627.379.000 euro ofwel de geplande uitgaven (basisbedrag minus gereserveerde bedragen en onderbenutting) van 25.307.235.000 euro? Die 320 miljoen euro verschil is inderdaad niet te verwaarlozen!


Zeggen dus dat de bonussen in het verleden makkelijk verdiend zijn, is dan ook een open deur instampen. Dit is dus geen responsabiliseringsmechanisme. Ik ben dan ook van mening dat het huidige systeem van de financiële verantwoordelijkheid van de ziekenfondsen moet worden herzien en daarmee bedoel ik niet alleen de berekeningswijze maar ook de finaliteit van het systeem. Voor mij is het dan ook evident dat een systeem van responsabilisering gebruikt wordt voor gezondheidswinst, gezondheidswinst die op haar beurt leidt tot minder uitgaven in de gezondheidszorg.



Topje van de ijsberg
Ik verduidelijk met een voorbeeld. Stel dat een speler in de gezondheidszorg verantwoordelijk wordt voor preventie. Preventie zorgt ervoor dat er minder zieken zijn en dus ook minder uitgaven. In een echt systeem van financiële verantwoordelijkheid zorgt men ervoor dat een deel van de winst die men zo maakt terugvloeit naar de speler die er de oorzaak van is. Op die manier wordt deze gestimuleerd om de geleverde inspanning verder te zetten. Mijn voorstel is fundamenteel verschillend van het huidige systeem waarbij de ziekenfondsen enkel geresponsabiliseerd op uitgaven waardoor zij een beleid van kostenbeheersing voeren dat niet noodzakelijk ten goede komt van de gezondheid.


De problematiek reikt ook veel dieper dan men op het eerste gezicht zou denken. Enerzijds kan de verdeling tussen de ziekenfondsen onderling in vraag gesteld worden. Want opnieuw speel de socio-economische status een rol in de toekenning van de bedragen tussen ziekenfondsen. Deze parameters zijn verre van objectief. Het is niet omdat het Riziv ze gebruikt op een betwistbare manier in haar eigen studies, dat deze parameters objectief zijn. Anderzijds is het reservefonds slechts het topje van de ijsberg. Er is namelijk weinig of geen transparantie in de geldstromen binnen de gezondheidszorgbeleid.


Zo wordt er gemakkelijk 7 tot 8 miljard euro verkast van het Riziv naar de FOD Volksgezondheid. Zo bestaat er een artikel 56 voor administratiekosten en waar eigenlijk (lang lopende) projecten mee gefinancierd worden voor nu al 92 miljoen euro (en die grotendeels aan de begroting ontsnappen). Wat zit er in het Toekomstfonds, waar honderden miljoenen euro’s werden ingestopt dankzij een veel te grote groeinorm van 4,5%? En waarom staat die wettelijke groeinorm nog verankerd in de wet?


Ik hoop dan ook dat de controverse van de voorbije dagen er toe leidt dat we met alle betrokkenen, de ziekenfondsen, de minister, het parlement, de gemeenschappen en de zorgverstrekkers kunnen samenzitten om te kijken hoe we het huidige systeem van financiële verantwoordelijkheid kunnen omvormen naar een systeem van gezondheidsbevordering om zo beter gewapend te zijn tegen de echte uitdagingen van de toekomst.


 


Ook verschenen in Artsenkrant, vrijdag 3 februari 2012 (p. 34)